dinsdag 24 februari 2015

Dulce et decorum est - Wilfred Owen 1917

Zwaarbeproefd, kromgebogen als oude kerels,
Vloekten we ons hijgend hoestend door het slijk.
Achter ons verdween de gruwel van het front.
Voort ploeterden we, naar verder weg gelegen onderkomens.
Er waren er die lopend sliepen. Anderen, hun laarzen kwijtgeraakt,
Strompelden op bebloede voeten.
Uitgeput was iedereen, verstomd, niets ziend,
Doof zelfs voor de vlakbij neervallende gasgranaten.
Gas! GAS! werd er gebruld. Als de donder rukten we
Die rotmaskers net op tijd over ons hoofd.
Een kreeg het niet voor elkaar
En krijste vertwijfeld als een dier in nood.
Vaag zag ik door mijn beslagen glazen, in een dichte waas
Als onder water in een snotgroene zee, hoe hij verzoop.
Elke nacht droom ik van hem. Hij stort zich op mij, kokhalst,
snakt naar adem en verzuipt opnieuw. Machteloos kijk ik toe.
Jij zou ook eens in zo'n afgrijselijke droom,
Mee moeten lopen met de kar waarop hij toen werd afgevoerd.
Zien hoe hij aldoor zijn ogen opensperde,
Zijn mond open en dicht ging als bij een stomme vis,
En bij iedere gierende ademstoot moeten horen
Hoe het bloed omhoog borrelde uit zijn verrotte longen,
Als gore etter uit een verkankerde wond in een onschuldig lijf.
Mijn vriend, je zou het voorgoed uit je kop laten
Jonge jongens, hunkerend naar heldenroem,
Zo stomweg die godvergeten leugen wijs te maken:
Dulce et decorum est pro patria mori.

vertaling: Tom Lanoye in NIEMANDSLAND, 2002
Dulce et decorum est is een gedicht van Wilfred Owen uit 1917.
Hierin beschrijft hij hoe een soldaat bij een gifgasaanval tijdens de Eerste Wereldoorlog een afschuwelijke dood sterft. Zoals in veel van zijn gedichten bespaart Owen de lezers geen van de gruwelijke details. Hij hoopte hiermee te bewerkstelligen dat men in Engeland niet langer zou zeggen dat het een zoete eer was - hij spreekt over een oude leugen (the old Lie) - om voor het vaderland te sterven (dulce et decorum est pro patria mori).
De laatste vier regels van het gedicht zijn een aanval op de patriottische schrijfster Jessie Pope.
De zin 'Dulce et decorum est pro patria mori' is een citaat van de Romeinse dichter Horatius (Oden iii.2.13). 

Ottilie laat van zich horen

Ottilie van achttien was vorig jaar zeventien en schreef toen deze korte, herkenbare gedichtjes.

Ik ben blij dat sommige mensen nog fluitketels hebben, al zijn die, vrees ik, ver de moderne wereld uit! Maar het fluiten van die fluitketel (zijn fluitende dingen niet per definitie mannelijk?) kan ook over iets veel breders gaan dan: het water is warm, gebruik het voor een kopje thee! Nee, het kan ook een alarmsignaal zijn. Er zijn heel veel verschillende redenen voor heel veelsoortige, dringende alarmsignalen in onze maatschappij en op dit ogenblik. Ik som maar niet op, maar ieder kiest best voor zichzelf. En doèt dan iets, bij voorkeur, onderneemt actie - zodat de fluitende fluitketel kalmeert en het het water niet gevaarlijk en lelijke brandwonden veroorzakend overkookt...


De fluitketel!

Hoe bedoelt u?

Nee, ik bedoel
de fluitketel!

Wel ja -
wat bedoelt u daarmee?

Dat hij fluit
de hele dag door
en geen mens die iets doet.

=====================

Het is
Alsof ik je
Al jaren ken

En dat is ook zo
Maar ik kende je niet
Niet echt

Ik kende je gezicht
Je stem
Je lach
Maar pas sinds kort
Ken ik ook je hart

Nog lang niet alle puzzelstukjes
Zijn gelegd
Maar de puzzel
Hoeft niet af te zijn
Om te weten
Wat er op staat

========================

Het plezier van het puzzelen ligt in het puzzelstukjes leggen en blij zijn iedere keer als verwarrende stukjes toch in mekaar blijken te passen. Een ingewikkelde puzzel die uiteindelijk helemaal af is en die sommigen dan, vastgelijmd en ingekaderd, aan de muur willen hangen om zonder meer naar te kijken - daar is toch geen ontdekkingspret meer aan? Leven blijven puzzelen, gelukkig, en de Engelsen mogen dan wel de uitdrukking kennen: "I am puzzled" - wat wil zeggen dat ze perplex staan.  
Dat kan negatief zijn, maar ook uitdagend als je daardoor een nieuwe stap in een nieuwe richting kan zetten.


They all want to play Hamlet


THEY all want to play Hamlet.
They have not exactly seen their fathers killed
Nor their mothers in a frame-up to kill,
Nor an Ophelia dying with a dust gagging the heart,
Not exactly the spinning circles of singing golden spiders,        5
Not exactly this have they got at nor the meaning of flowers—O flowers, flowers slung by a dancing girl—in the saddest play the inkfish, Shakespeare, ever wrote;
Yet they all want to play Hamlet because it is sad like all actors are sad and to stand by an open grave with a joker’s skull in the hand and then to say over slow and say over slow wise, keen, beautiful words masking a heart that’s breaking, breaking,
This is something that calls and calls to their blood.
They are acting when they talk about it and they know it is acting to be particular about it and yet: They all want to play Hamlet.

Carl Sandburg


THE INKFISH, SHAKESPEARE - a nice metaphor!

GRASS - Carl Sandburg

Pile the bodies high at Austerlitz and Waterloo.
Shovel them under and let me work—
            I am the grass; I cover all.
  
And pile them high at Gettysburg
And pile them high at Ypres and Verdun.         5
Shovel them under and let me work.
Two years, ten years, and passengers ask the conductor:
            What place is this?
            Where are we now?
  
            I am the grass.  10
            Let me work.

 ==================================================================
IRON 

GUNS,
Long, steel guns,
Pointed from the war ships
In the name of the war god.
Straight, shining, polished guns,        5
Clambered over with jackies in white blouses,
Glory of tan faces, tousled hair, white teeth,
Laughing lithe jackies in white blouses,
Sitting on the guns singing war songs, war chanties.
Shovels,        10
Broad, iron shovels,
Scooping out oblong vaults,
Loosening turf and leveling sod.
    I ask you
    To witness—        15
    The shovel is brother to the gun.

======================================
POPPIES

SHE loves blood-red poppies for a garden to walk in.
In a loose white gown she walks
            and a new child tugs at cords in her body.
Her head to the west at evening when the dew is creeping,
A shudder of gladness runs in her bones and torsal fiber:        5
She loves blood-red poppies for a garden to walk in.

=========================================
Another short extract:

FOR the gladness here where the sun is shining at evening on the weeds at the river,
Our prayer of thanks.

For the laughter of children who tumble barefooted and bareheaded in the summer grass,
Our prayer of thanks.

For the sunset and the stars, the women and the white arms
that hold us,  
Our prayer of thanks.
        5
  
A member of the Chicago Group of the early 1900s, Sandburg found beauty and glory in the simple America that surrounded him: the farms, industry, landscape, culture, and most importantly, the American people.

Carl August Sandburg (January 6, 1878 – July 22, 1967) was an American poet, writer, and editor who won three Pulitzer Prizes, two for his poetry and one for his biography of Abraham Lincoln. During his lifetime, Sandburg was widely regarded as "as a major figure in contemporary literature," especially for volumes of his collected verse, including Chicago Poems (1916), Cornhuskers (1918), and Smoke and Steel (1920). He enjoyed "unrivaled appeal as a poet in his day, perhaps because the breadth of his experiences connected him with so many strands of American life", and at his death in 1967, President Lyndon B. Johnson observed that "Carl Sandburg was more than the voice of America, more than the poet of its strength and genius. He was America."    (Wikipedia)

Source:  http://www.bartleby.com/people/Sandburg.html

maandag 23 februari 2015

Citaat

“Like wildflowers, you must allow yourself to grow in all the places people thought you never would.”

zondag 22 februari 2015

Tot het hart op zondag, Wislawa Szymborska

Ik dank je, hart van mij,
je treuzelt niet, maar werkt flink door
zonder beloning of gevlei,
uit aangeboren ijver.

Je hebt zeventig verdiensten per minuut.
Elke samentrekking van je
is als het afduwen van een boot
naar de volle zee,
voor een reis de wereld rond.

Ik dank je, hart van mij,
dat je me keer op keer
van het geheel afzondert,
zelfs in mijn slaap apart houdt.

Jij voorkomt dat ik uit mijn dromen breek
op een vlucht
waarvoor geen vleugels nodig zijn.

Ik dank je, hart van mij,
dat ik weer ontwaken mocht
en dat hoewel het zondag is,
een dag om uit te rusten,
onder de ribben
de gewone zaterdagse drukte heerst.


zaterdag 21 februari 2015

Tommy Wieringa, Dit zijn de namen - citaten

-Zita leefde volgens het ijzeren plan van vrouwen. - 21

-Beg luisterde naar zijn toespraak, het was de eerste keer dat hij hoorde over een oude Chinees die Confucius heette. Confucius, zei Diniz, zou, als hij het voor het zeggen zou hebben in een land, als eerste het taalgebruik verbeteren. Want als het taalgebruik niet juist is, dan is wat wordt gezegd niet dat wat bedoeld wordt. En als wat gezegd wordt niet is wat men bedoelt, komen er geen werken tot stand. Komen de werken niet tot stand, dan gedijen de kunst en de moraal niet. Gedijen deze niet, dan is er geen juiste rechtspraak. Als er geen juiste rechtspraak is, dan weet de natie niet wat te doen. Daarom moet men geen willekeur dulden in het woordgebruik. Dat is waarop alles aankomt. -35

-Sinds die dag zag Pontus Beg het model van geleidelijke neergang overal in werking. Het begon met één klein dingetje en eindigde in totale wanorde. Op elk levensterrein moest dat ene kleine dingetje worden geïdentificeerd, geïsoleerd en onschadelijk worden gemaakt. Daarom kookte hij elke avond, at hij elke avond aan tafel, waste hij het eetgerei af en borg het netjes weg. Tegen de verwaarlozing, het afglijden, een ellendige dood. - 36

-Zita, zag hij, maakt optisch schoon, niet hygiënisch. - 37

-De radio bleef aan tot hij naar bed ging. Vaak vergat hij waarom hij aanstond, tot hij hem uitzette. De fluittoon in zijn oren. Die vergezelde hem al jaren. Twee mugjes, een aan elke kant. Het geluid steeg op uit geheimzinnige diepten in zijn schedel en werd langs schelpachtige windingen geblazen, waar het zijn hoge klank kreeg. Het was een vlakke, constante toon, die soms traag leek te deinen. Er waren dagen dat hij hem vergat, maar als het plotseling stil werd, wist hij dat hij nooit was weggeweest.
Een zigeunermuzikant die hij eens had opgepakt, meende dat het een B was.
"Ik zin 'm veel lager dan-ie echt klinkt natuurlijk," had Beg gezegd.
"Een C was beter geweest," meende de zigeuner.
"Waarom?"
"De meeste liedjes staan in C." - 37-8

-De neger had een kruis gekust. Dit verdiepte het raadsel. Welke gedachten had hij, welk leven lag er achter hem? En als de man uit Asjchabad gedachten had over de zwarte man, dan had de zwarte man die ook over hem. Deze dingen knarsten als zand tussen de raderen. Ze verwarden zijn verstand en verhitten zijn bloed. - 41

-Hij heeft zijn eten met me gedeeld, dacht de lange man, zijn enige eten. Hij is een groot en edel mens. Hij heeft een hart als een walvis, ik ben het niet waard dat hij me het licht van zijn ogen schenkt.  - 59

-Thuis, die plaats die hem nu weldadig voorkwam, en niet armetierig en wanhopig zoals toen hij vertrok. Er was vuur in de kachel, een zacht bed, zijn warme vrouw. - 85

-Of het nummer nog in gebruik was wist hij niet. Ze kon verhuisd zijn, de mensen waren onrustig, veel onrustiger dan vroeger, ze werden overal heen geblazen. - 90

-De handel, dat was geen werk, vond hij, dat was profiteren van werk. Het schuim van de handel is beter dan het vet van de arbeid, was de bittere les die zijn vader hem leerde. - 93

-Onwennig als vee dat in het voorjaar de stal verlaat stonden ze onder de schoongewassen sterrenhemel, en voelden zich alsof ze opnieuw geboren waren. - 106

-Zijn terrein was de stad, de mensenklontering. Die had hij nodig zoals een parasiet een gastheer. -115

-"Al zingend naderen wij God." - 125

-"Baby's kunnen niet praten omdat ze de geheimen van de hemel niet mogen doorvertellen." -131

-Fotoportretten hadden de neiging om levende herinneringen te overwoekeren en uiteindelijk te vervagen. - 138

-Gaandeweg werd zijn moeder samengevat tot een paar kwaliteiten; een leven in steekwoorden. -139

-Onder ruisend bamboe langs de vlietende rivier is het gemakkelijker om onthechte gedachten te hebben dan op vijfhoog bij de gorgelende verwarmingsbuizen en het spoelwater in de valpijpen. De stoelgang van zijn buren. - 155

-Hij houdt van het woord 'burgerij', het suggereert een wereld waarin alles zijn vaste plaats heeft, als de sterren aan het firmament. - 156

-En hij heeft onderweg bijna alle denkbare zondes gezien, het zijn er zoveel meer dan hij zich ooit heeft kunnen voorstellen! - 165

-Het zakenleven is zoveel effectiever dan de ambtenarij. - 187

-De verhoudingen zijn vastgelopen in de modder van corruptie; niemand kan een ander tot de orde roepen want iedereen heeft vuile handen. Niemand kijkt verder dan zijn eigenbelang. Geen bestuurder of overheidsfunctionaris die aan de lange termijn denkt. Het is een systeem dat je deelname eist; doe je het niet, dan plaats je jezelf buitenspel. Het corrumpeert uiteindelijk zelfs de zuiverste ziel. Zo verrot alles. - 219

-Kinderen geven hem soms een minderwaardig gevoel, alsof hij verraad heeft gepleegd door volwassen te worden.  - 223

-U weet wat ze zeggen. Dat de wet een slang is die alleen mensen zonder schoenen bijt. - 250

-Het ondervoede lichaam kannibaliseert zichzelf, het eet zijn eigen spieren op. - 256

-De vriendschap met een kind maakte je een uitverkorene. - 266

-Achter hem werd soms een pagina omgeslagen; het ruisen van papieren vleugels. - 268

-Een vast geloof, meende hij, berustte op ijzeren herhaling. Herhaling dwong je op je knieën. - 271

-Een tevreden bejaarde? Ouderdom is een precaire zaak. Het lijkt of alle rampen erop wachten je tegelijk aan te vallen. - 272